We praten bij dementie vaak over verlies. Over vergeten, woorden die moeilijker komen, dingen die niet meer vanzelf gaan en over wat iemand straks misschien niet meer kan.
Dat is begrijpelijk, want dementie neemt ook dingen af. Maar in Het Dobbyhuis zie ik bijna iedere week iets waardoor ik mezelf een andere vraag ben gaan stellen: wat als wij zó bezig zijn met wat iemand kwijtraakt, dat we vergeten te kijken naar wat iemand nog te geven heeft?
In Het Dobbyhuis komen mensen met beginnende dementie. Natuurlijk begeleiden we hen. We bieden structuur, aandacht, ontmoeting en creativiteit. Maar steeds vaker draaien we de rollen ook om.
Een van onze deelnemers heeft jarenlang gevoetbald. Waarom zouden wij voor hem bedenken hoe hij moet bewegen, als hij daar zelf zoveel ervaring in heeft? Dus geeft hij bewegingsles. Een andere deelnemer is Spaans en leert ons Spaanse woorden. En iemand die vroeger zelf workshops gaf, kan nog steeds schildertips geven.
Juist op zulke momenten gebeurt er iets belangrijks. Iemand is even niet degene die geholpen wordt, maar degene die iets weet, iets kan en iets doorgeeft.
Voor mij zijn dat geen leuke extraatjes. Daar zit iets wezenlijks in. Misschien is een van de belangrijkste dingen die we mensen kunnen blijven geven wel de ruimte om van betekenis te zijn.
We zeggen in de zorg vaak dat we de mens achter de diagnose willen blijven zien. Maar dat vraagt volgens mij meer dan vriendelijk zijn en goed luisteren. Het vraagt ook dat we nieuwsgierig blijven.
Wie ben je? Wat weet je? Waar ben je goed in? Waar word je enthousiast van? Wat heb je in je leven geleerd? En vooral: wat kun jij óns nog leren?
Misschien verandert dementie in de loop van de tijd het antwoord op die vragen. Maar dat betekent niet dat we moeten stoppen ze te stellen.
Ik merk dat deze manier van kijken ook iets verandert in de verhouding tussen mensen. Zodra je niet alleen meer kijkt naar wat iemand nodig heeft, ontstaat er meer gelijkwaardigheid. Dan is de één niet alleen degene die zorg ontvangt en de ander degene die iets komt brengen. Dan zijn we gewoon mensen die iets van elkaar kunnen leren.
Daarom wil ik in Het Dobbyhuis steeds meer ruimte maken voor wat onze deelnemers zelf meebrengen. Hun kennis, talenten, verhalen, humor en levenservaring. Niet ondanks dementie, maar gewoon omdat dat óók deel blijft uitmaken van wie iemand is.
Dementie verdient goede zorg en ondersteuning. Maar een mens verdient meer dan verzorgd worden. Een mens verdient het om gezien te blijven worden als iemand die nog iets kan bijdragen.
Misschien moeten we daarom bij dementie niet alleen vragen: wat kunnen wij voor u doen?Misschien moeten we ook veel vaker vragen: Wat kunt u ons leren?
Want schrijf iemand niet af omdat hij vergeet. Misschien kan hij jou nog iets leren wat jij nooit meer vergeet.
Lieve groet,
Erica de Winter


